Stotteren | Logopedische stoornissen | Afwijkende mondgewoonten en OMFT | Dyslexie

Stotteren

De praktijk is gespecialiseerd in stottertherapie dat wil zeggen dat er cliënten behandeld worden die problemen hebben op het gebied van de vloeiendheid van het spreken. De cliënten komen uit de hele regio Eindhoven.

Logopedische stoornissen

Daarnaast behandelen we ook auditieve verwerkingsproblemen, taal- en spellingsproblemen, tweede taalverwervingsproblemen en kan men terecht voor remedial teaching. Natuurlijk kunt u ook terecht voor allround logopedische behandelingen.

Wij behandelen tweede taalverwervingsproblemen, taal- en spellingproblemen en dyslexie en wordt er remedial teaching gegeven.
Daarnaast kun je terecht voor allround logopedische behandelingen wat betreft taal-, articulatie-, stem- en slikproblemen.

Afwijkende mondgewoonten en Oro-myofunctionele therapie (OMFT)

Afwijkende mondgewoonten

Onder afwijkende mondgewoonten worden gewoonten verstaan die negatieve gevolgen hebben voor de gebitsstand, het spreken en ook voor het gehoor.

Welke afwijkende mondgewoonten zijn er:

  • duim-, vinger- of speenzuigen
  • open mondgedrag
  • habitueel mondademen
  • afwijkende tongligging in rust (en tijdens spreken)
  • afwijkend kauwen
  • afwijkend slikken
  • nagelbijten, liplikken of lipzuigen

 

Oro-myofunctionele therapie (OMFT)

OMFT (Oro-myofunctionele therapie) is een therapie die gericht is op het herstellen van een verstoord evenwicht in het functioneren van de spieren in en om de mond (ontstaan door afwijkende mondgewoonten). De afwijkende mondgewoonten kunnen leiden tot afwijkende kaak- en/of gebitsstanden en een interdentale spraak (met de tong tussen de tanden).

 

Het doel van OMFT is het weer in evenwicht brengen van alle mondspieren d.m.v. oefeningen en het afleren van verkeerde reflexen, zodat vorm en functie van kaken en tanden/kiezen weer hersteld kunnen worden.

 

Wat zijn de gevolgen?

Zuiggewoonten hebben invloed op de stand van de tanden en de vorm van de kaak. De kracht van de spieren in en rond de mond kunnen afnemen.

Bij open mondgedrag en een lage tongligging ligt de tong slap onderin de mond en drukt de tong met grote kracht tegen de tanden aan, waardoor de tanden naar voren worden geduwd.

Vaak is er sprake van interdentaal spreken (slissen). Ook is er kans op een afwijkende groei van de kaak, tanden en kiezen, oorproblemen en terugkerende infecties van de amandelen of in de keel.

Vaak wordt er nauw samengewerkt met een tandarts of orthodontist. Deze kan de patiënt adviseren om naar de logopedist te gaan voor onderzoek en/of behandeling van afwijkende mondgewoonten. OMFT zal de behandeling van de orthodontist ondersteunen en vermindert de kans op terugval na orthodontie.

Behandeling

Het is belangrijk om de behandeling van afwijkend mondgewoonten vroegtijdig te starten om de gevolgen te beperken. De behandeling zal gemiddeld 7 – 20 behandeling in beslag nemen, afhankelijk van de cliënt.

De therapie bestaat uit een intakegesprek, het maken van foto’s van de mond en het gebit, het uitvoeren van metingen, behandelen van afwijkend mondgedrag middels een oefenschema, het thuis herhalen van de oefeningen die tijdens de behandeling uitgevoerd worden. De frequentie zal eenmaal per week zijn en mogelijk zal er afgebouwd worden. Ook plannen we altijd een controleafspraak in.

De behandeling van dyslexie

“Dyslexie is een stoornis die gekenmerkt wordt door een hardnekkig probleem met het aanleren en het accuraat en/of vlot toepassen van het lezen en/of het spellen op woordniveau.” (Stichting Dyslexie Nederland, 2003)

Logopedisten zijn vaak al in een vroeg stadium betrokken bij kinderen met dyslexie (lees- en/of spellingsproblemen). Soms is er nog geen sprake van de diagnose dyslexie, maar zijn er al wel risicofactoren te signaleren. Adequate begeleiding in een vroeg stadium (onder andere met klanken en letters werken) is van essentieel belang. Bij kinderen waarbij de spraak- en/of taalontwikkeling bijvoorbeeld niet vlot verloopt zijn de volgende aanwijzingen van belang:

1. Hardnekkige problemen met de articulatie ( m.b.t. het uitstempelen van woorden, fonologische articulatieproblemen)
2. Luisterhouding zwak, weinig interesse in boeken en versjes.
3. Mondeling taal zwak: het kind kan zich moeilijk uitdrukken, produceert korte zinnen en vertelt vrij weinig. Regelmatig zijn er ook woordvindingsproblemen.
4. Onthouden van mondelinge taal zwak: kind kan moeilijk rijmpjes, meervoudige opdrachten, kleuren en reeksen onthouden.

Kinderen die later als dyslectisch worden gediagnosticeerd blijken op jonge leeftijd vaak al problemen te ondervinden met het automatiseren van reeksen en handelingen. Ze hebben meer tijd nodig dan andere kinderen om namen en kleuren te leren, om losse letters (en cijfers) vlot te benoemen, en soms ook om te leren veters strikken, of te leren zichzelf aan te kleden.

Voorschotbenadering

Voor wie?
De voorschotbenadering is bedoeld voor risicokleuters op lees- en spellingsproblemen of dyslexie. Kleuters met een spraak en- of taalachterstand en ook kleuters met een dyslectische ouder.

Het doel van de voorschotbenadering
In de voorschotbenadering wordt taakgericht gewerkt aan het verbeteren van het fonologisch en fonemisch bewustzijn en aan de klank-letterkoppeling. Hierbij is een belangrijk uitgangspunt dat er niet gewacht wordt tot een leerling ‘eraan toe’ is. Er wordt spelenderwijs gewerkt en veiligheid en plezier staan voorop. De gesproken en geschreven vorm wordt tegelijkertijd aangeboden.
Op deze manier wordt kleuters een ‘voorschot’ gegeven om met meer succes en vertrouwen aan het leren lezen en schrijven te beginnen.

De verschillende fasen:
1. identificeren van klanken/letters
2. manipuleren van klanken/letters
3. klank- tekenkoppelingen aanleren
(Murray, 1998)

Ook de schrijfvaardigheid (invented spelling) zal aan bod komen.

Bij alle kinderen in de basisschoolleeftijd, zowel in de onderbouw- als de bovenbouwgroepen is het van belang concreet de analyseren hoe en waarom een kind op een bepaalde manier leest. Vooral kinderen in de bovenbouwgroepen zijn inventief met allerlei trucjes om toch te leren lezen en uiteindelijk alle toetsen te halen. Vroegtijdige onderkenning is daarom erg belangrijk om verdere problemen te voorkomen, zowel in het basisonderwijs als in het voortgezet onderwijs.